Zolang die vrouw in het
Rijksmuseum
in geschilderde stilte en
concentratie
uit de kan in de schaal
dag na dag
melk giet,
verdient de wereld
het einde van de wereld
niet
Analyse
Dit gedicht kreeg
ik door een vriendelijke Muze toegestuurd, naar ik denk om mijn belangstelling
voor Szymborska te wekken. Ik houd van gedichten met een opening, een uitzicht.
En hoewel dit gedicht kort is en maar uit één zin bestaat, biedt het denk ik genoeg
perspectieven.
Allereerst de
bouw van de zin. Een komma verdeelt het gedicht in twee delen. Het eerste deel dat
begint met zolang kun je lezen als een
voorwaarde voor het deel dat volgt. De
wereld verdient geen einde, op voorwaarde
dat die vrouw uit het Rijksmuseum haar melk blijft schenken. Je kunt het verder
ook als een reden lezen. Omdat die vrouw dag in dag uit melk blijft
schenken, verdient de wereld niet dat
zij eindigt.
Aan deze
formulering ligt dunkt mij de veronderstelling ten grondslag, dat de wereld normalerwijze
gedoemd is ten einde te komen en dat zij dat wellicht ook verdient, tenzij men
ermee omgaat als die vrouw van Vermeer en in
stilte en concentratie zijn werk doet.
Door het
schilderij van Vermeer als onderwerp te kiezen introduceert Szymborska een
beeld dat in feite al bestaat, maar zelf ook vele perspectieven biedt. Dat
verklaart waarom zij haar gedicht kort kan houden. Haar veronderstelling is, dat
de lezer die voorstelling, minstens oppervlakkig, kent. Het schilderstuk is
bekend onder de titel Het Melkmeisje.
De benaming meisje is hier minder
toepasselijk dan bij Het meisje met de
parel. Het gaat hier om een volwassen vrouw. Wellicht dateert die benaming
nog uit de tijd dat men een vrouw die huishoudelijke diensten verrichtte zo
noemde. Voor Szymborska is zij die vrouw
uit het Rijksmuseum.
Szymborska zou
het beeld niet gekozen hebben als er niet een zekere verwantschap bestond
tussen wat Vermeer in de voorstelling wilde tonen en wat zij er in zag. Er
wordt wel van Vermeer gezegd dat hij een vertegenwoordiger was van het Hollands
realisme. Zoiets kun je alleen maar zeggen, wanneer je kijkt naar de
nauwkeurige, bijna fotografische perfectie waarmee deze voorstelling is
geschilderd. Maar de keuze van het onderwerp, het kleurgebruik, de belichting en
heel de enscenering doen vermoeden dat het hier niet om een puur realistische
schildering van een huishoudelijk tafereel gaat. Het beeld van deze melk
schenkende vrouw moet je ook als een metafoor zien.
Szymborska wijst
dan ook zonder meer op de symboliek ervan. Haar aandacht gaat uit naar het
concentratiepunt van dit schilderij: het gieten van de melk. Deze gefixeerde
beweging waarin de melk zich half in de kan, half in de schaal bevindt, leent
zich ervoor om haar als een blijvende toestand te interpreteren. Door deze
fixatie komt er namelijk geen einde aan het schenken: de kan raakt nooit leeg,
de schaal nooit vol, het schenken is tijdloos geworden.
Je moet ook vaststellen
dat Vermeer alle middelen heeft aangewend om de blik van de kijker naar dit
centrum toe te trekken. Daar is het licht dat via het raam van boven komt en via
de achterliggende muur wordt weerkaatst. Uit onderzoek blijkt dat Vermeer
aanvankelijk een schilderij op die muur had gepland, maar dat hij die heeft
overgeschilderd zodat alle aandacht naar voren werd getrokken, naar de plaats
van de handeling. Szymborska heeft het over de
geschilderde stilte. Daar draagt die blanke lege muur aan bij. Vanaf die
lege muur valt het licht op het goudkleurige bovenlijf van de vrouw, terwijl
het blauw daaronder een contrast vormt. Ook de vrouw zelf leidt de kijker
verder doordat zij haar blik aandachtig naar het centrum richt. Het gaat haar
en bij gevolg ook de kijker om het geconcentreerd gieten van de melk in de
schaal. Szymborska noemt dat geschilderde
concentratie. Het centrum is dus het gieten van de melk. Je zou als
toeschouwer bijna het brood op de tafel over het hoofd zien.
Waarom heeft dit
onderwerp Vermeer en met hem Szymborska zo aangetrokken? Een melk schenkende
vrouw heeft niets spectaculairs, integendeel. Het gaat hier om een nederige
huishoudelijke taak. Maar er is bijna geen menselijke handeling te bedenken die
zo basaal is als het bereiden en zorgen voor voedsel. Wanneer deze zorg zou
ophouden zou dat het einde van de wereld betekenen.
Vermeer laat
zien dat in deze simpele handeling schoonheid en poëzie kan schuilen. Dat wordt
niet alleen uitgedrukt in de uiterlijke compositie en het kleurgebruik, maar
ook meer innerlijk in de aandacht van de schenkende vrouw. Hier is geen
routine, maar een totale vereenzelviging met het schenken zelf. Dat is geschilderde concentratie. Szymborska
gaat daarop door, wanneer zij in dit schenken een tijdloos perspectief ziet,
dat de eindigheid van de wereld te buiten gaat.
Conclusie
Waarvan is die vrouw in het Rijksmuseum nu de
metafoor? Ik las dat het schilderstuk gezien wordt als een ode aan de Hollandse
deugd. Die interpretatie is nog rijkelijk vaag en kan vele kanten heen.
Szymborska geeft er een duidelijke invulling aan door het te zien als een
lofzang op de dagelijkse vlijt, het voortdurend dienstbare werk, dat betrokken
en met aandacht verricht wordt. Het is de poëzie van de gewoonheid en het
alledaagse. Maar daarmee doorbreekt het de Hollandse grenzen en wordt een
universeel symbool.